Yannicks reis door Araluèn: Grijze Jager deel 5 - De Magiër van Macindaw


De Grijze Jager, John Flanagan, Gottmer, Macindaw, Will, Alyss, front, omslag

Roddels doen je wat als mens. Vaak zeggen mensen: "Ach het maakt me geen reet uit wat anderen van mij denken!" Stiekem bekruipt je het gevoel dat deze mensen liegen. Hoe harder ze ontkennen, des te meer je weet dat ze er niets van menen. Want als je vertelt dat een roddel ook het einde van je carrière, het einde van een relatie of (misschien zelfs wel erger) het einde van het leven dat je kende betekende, zou het je dan nog steeds niets uitmaken wat anderen over je denken? Het omgekeerde is uiteraard ook waar. Wat nou als je ervoor kan zorgen dat iedereen enthousiast over je is. Door je flair, je uitstraling en je looks. Want misschien is de les uit dit boek wel: Hoe betrouwbaarder je overkomt, des te onbetrouwbaarder kun je handelen...


De eerste 4 delen bevinden zich in chronologische volgorde achter elkaar. Deel 5 is een boek dat iets later afspeelt, namelijk 5 jaar na het verdrag met de Skandiërs en Erak. Will heeft na jaren trainen zijn Eikenblad gehaald en wordt gestationeerd op een klein eilandje (Zeeklif) als eerste klus. Op Zeeklif is weinig te doen, tenminste zo werd verteld. Onderweg vind hij een hondje dat openligt van zijn nek tot staart. Hij lijkt voor dood aan de rand van de weg te zijn gelegd. Will geneest hem en neemt hem mee. Al snel blijkt hij een niet te onderschatte bondgenoot te zijn.


Na een aantal schermutselingen op het eiland, komt op een dag de fijne vriendin Alyss langs. Zij zit in de diplomatieke dienst en heeft al heel lang een oogje op Will. Will kan niet ontkennen dat dit geheel wederzijds is. Will krijgt een andere opdracht dan Zeeklif, want er is iets gaande in Macindaw. Dit kasteel verdedigt de Araluèners voor de mannen uit Scotia. De baron is van de één op de andere dag gaan ijlen. Hij slaapt de hele dag en is aan het raaskallen. Zijn zoon neemt het over als kasteelheer, maar is geen fijne gastheer. Hij verdiept zich in zwarte magie en komt vaak niet zijn kamer uit.


Will moet als minstreel naar het noorden afreizen en moet niet te veel opvallen. Hoe verder hij noordelijk reist, hoe meer mysteries er zijn. Er is een tovenaar in het bos, die 's nachts de mensen de stuipen op het lijf jaagt. En als Will in het kasteel Macindaw komt, dan is de vraag: "Wie kan hij vertrouwen?" Will komt er al snel achter dat hij maar één iemand kan vertrouwen, maar die lijkt zo goed als onbereikbaar te zijn. Kan Syron gered worden en wie heeft Syron dit aangedaan? Is dat de Magiër van Macindaw zoals gefluisterd wordt? Of is dat toch iemand anders?


Het toffe van dit deel van de Grijze Jager is, dat je er al snel achter komt dat WIll meer talenten heeft dan de gemiddelde jager. Ook dit deel heeft hele spannende passages en je merkt dat Will moeite heeft met door iemand heen kijken. Als lezer ga je daar heel erg in mee. Je wil heel snel de personages vertrouwen, maar merkt telkens dat er meer achter de personages zit dan Flanagan wil laten zien. Dat maakt het een heel interessant boek en het is zeker een opmaat naar het zesde deel, waarin ik verwacht dat er iets heel groots te wachten staat!

Dit boek is voor...

... lezers die houden van veel spanning

... lezers die twijfelen over magie

... lezers die iedereen vertrouwen


Samenvatting/Omslag

De inwoners van Skandia en Araluen leven inmiddels alweer vijf jaar in vrede met elkaar. Will heeft, nu hij zelf tot Grijze Jager is bevorderd, de verantwoordelijkheid over een eigen leen. Al snel blijkt dat hij, ook als leenheer, op zijn hoede moet blijven. Niet alleen zijn eigen stukje land kent problemen, ook in het hoge Noorden rommelt het. Daar schijnt een afgelegen leen te worden geteisterd door duistere magische krachten. Samen met zijn vriendin Alyss gaat hij op onderzoek uit, om tot de ontdekking te komen dat er wel heel erg onverklaarbare dingen gebeuren.